Wetsvoorstel loontransparantie mannen en vrouwen
Uit (niet-gecorrigeerde) cijfers van het CBS blijkt dat vrouwen in Nederland in 2024 gemiddeld nog steeds 10,5 procent minder per uur verdienen dan mannen voor gelijk of gelijkwaardig werk, hoewel dit verschil in 2010 nog 19 procent bedroeg.
De Europese Richtlijn loontransparantie (Richtlijn (EU) 2023/970) is in 2023 vastgesteld met het doel loongelijkheid te bevorderen. Met het Wetsvoorstel implementatie loontransparantie mannen en vrouwen (verder: het “Wetsvoorstel”), gepubliceerd op 26 maart 2025, stelt de regering voor om de voornoemde richtlijn zuiver (dus één op één) te implementeren.
Het is de bedoeling dat het Wetsvoorstel op 1 januari 2027 in werking treedt. Wat de gevolgen zijn voor werkgevers, leest u in dit artikel.
Wat gaat gelden voor alle werkgevers door het Wetsvoorstel?
Loonstructuren met objectieve criteria
Om te beginnen verplicht het wetsvoorstel werkgevers en uitzendbureaus om een transparante loonstructuur te hanteren. Dat moet de transparantie vergroten en loonverschillen tegengaan. Is er geen cao-beloningsstructuur, dan moet de werkgever de loonstructuur zelf vaststellen. Als er een ondernemingsraad is, moet diens instemming bij die vaststelling ook worden verkregen.
De loonstructuur moet worden gebaseerd op objectieve criteria zoals vaardigheden, inspanningen, verantwoordelijkheden en arbeidsomstandigheden. Ook opleiding en soft skills kunnen worden meegenomen. Voor werkgevers die er niet goed uit komen, heeft het ministerie van SZW toegezegd hulpmiddelen ter beschikking te stellen.
Aan de hand van de loonstructuur kan worden vastgesteld welke functies van gelijke waarde zijn en dus gelijk moeten worden beloond. Het kan dus zijn dat verschillende functies hetzelfde worden gewaardeerd.
Werknemers kunnen informatie opvragen
Werknemers en uitzendkrachten krijgen het recht om schriftelijk informatie op te vragen. Zij mogen vragen naar hun eigen loonniveau en naar het gemiddelde loonniveau binnen gelijkwaardige functiegroepen, uitgesplitst naar geslacht. De wetgever vindt dit verenigbaar met de AVG, ook als de informatie herleidbaar is naar individuele werknemers. Werkgevers moeten hun personeel elk jaar informeren over dit recht en uitleggen hoe zij hiervan gebruik kunnen maken.
Verplichtingen tijdens de sollicitatie
Het Wetsvoorstel verplicht werkgevers en uitzendbureaus om vóór loononderhandelingen het startsalaris of de salarisschaal te vermelden; dat kan al in de vacaturetekst. Vragen naar de salarisgeschiedenis van sollicitanten wordt verboden.
Wat gaat verder gelden voor werkgevers met 50 werknemers of meer?
Voor werkgevers die 50 werknemers of meer in dienst hebben, gaat tijdens de sollicitatie ook de verplichting gelden om openheid te geven over het beleid voor loonvorming en loonontwikkeling.
Wat gaat verder gelden voor werkgevers met 100 tot 150 werknemers?
De werkgever met tussen de 100 en 150 werknemers zal iedere drie jaar aan zijn werknemers en de ondernemingsraad moeten rapporteren over loonverschillen binnen functiecategorieën. Zo’n rapportage is echter niet openbaar. De ondernemingsraad beoordeelt vooraf de evaluatiemethode en juistheid van de rapportage. De eerste rapportage moet er op 7 juni 2030 liggen.
Loonverschillen zijn niet altijd ongerechtvaardigd: objectieve factoren zoals ervaring, opleiding of arbeidsmarkt kunnen een rol spelen. Als uit de voornoemde rapportage verschillen volgen (hoe klein ook), dan is het aan de werkgever om per werknemer goed te motiveren of sprake is van een objectieve en genderneutrale rechtvaardigingsgrond. Als een dergelijke rechtvaardigingsgrond er niet is, dan moet de werkgever binnen een redelijke termijn maatregelen nemen om deze verschillen op te heffen. De ondernemingsraad moet met deze maatregelen instemmen.
Is het loonverschil voor gelijkwaardig werk 5% of meer en wordt dit niet binnen zes maanden opgelost? Dan moet de werkgever een diepgaand onderzoek doen naar de oorzaken en een plan van aanpak opstellen waarin oplossingen voor het loonverschil zijn uitgewerkt. Ook hiervoor is instemming van de ondernemingsraad vereist.
Eventuele loonverschillen moeten ook gerapporteerd worden aan een nieuw op te richten monitoringsorgaan. De rapportage toont het gemiddelde en mediane verschil tussen mannen en vrouwen, zowel voor basisloon als aanvullende beloning; een deel hiervan wordt openbaar op een landelijke website.
Wat gaat verder gelden voor werkgevers met 150 tot 250 werknemers?
Voor werkgevers met tussen de 150 en 250 werknemers geldt al het voorgaande, met dien verstande dat de eerste rapportage aan werknemers en de ondernemingsraad er (naar verwachting) op 7 juni 2028 moet liggen.
Wat gaat verder gelden voor werkgevers met meer dan 250 werknemers?
Voor werkgevers met tussen de 150 en 250 werknemers geldt al het voorgaande, met dien verstande dat de eerste rapportage aan werknemers en de ondernemingsraad er op 7 juni 2027 moet liggen én dat die rapportage ook jaarlijks moet plaatsvinden.
Waarom is naleving van de regels uit het Wetsvoorstel van belang?
Als een loonverschil bestaat én de transparantie- of rapportageverplichtingen niet is nageleefd, geldt er een vermoeden van loondiscriminatie. De werkgever moet dan aantonen dat er geen sprake is van discriminatie. Dit vermoeden vervalt alleen als de werkgever bewijst dat de overtreding duidelijk onopzettelijk en beperkt was. Op dat moment verschuift de bewijslast naar de werknemer.
De Nederlandse Arbeidsinspectie zal toezicht houden op de juiste naleving van bovengenoemde verplichten. Bij een overtreding kan de inspectie per schending een waarschuwing en/of boete opleggen en dat kan ook openbaar gemaakt worden.
Praktische tips
Werkgevers doen er goed aan om zo snel mogelijk voor te sorteren op de nieuwe toekomstige verplichtingen, bijvoorbeeld door nieuwe loonstructuren op te stellen en/of bestaande te herzien, na te denken over een duidelijke interne procedure voor het opvragen van looninformatie door werknemers. Verder is het raadzaam om zo snel mogelijk in kaart te brengen of er mogelijk ongerechtvaardigde loonverschillen binnen de organisatie bestaan, zodat deze over een langere termijn zo nodig aangepakt kunnen worden om te voorkomen dat uw bedrijf negatief in de publiciteit komt. Werkgevers die niet voldoen aan de plicht om een ondernemingsraad in te stellen, doen er goed aan om alsnog een ondernemingsraad in te stellen, anders riskeren ze (mogelijk kostbare) vertraging bij de uitvoering van de wet.
Contact
Heeft u naar aanleiding van dit artikel nog vragen over het Wetsvoorstel? Neem dan contact op met Jaap Harrijvan, Rose Horstman of een van onze andere arbeidsrechtspecialisten.
07 oktober 2025