08 april 2024

Uitzendwerkgever, wees gewaarschuwd!

Werken op basis van een arbeidsovereenkomst hoeft niet altijd binnen het bedrijf van de werkgever plaats te vinden. Soms vindt het werk elders plaats. Werkt een werknemer via een uitzendbureau onder leiding en toezicht van een andere organisatie, dan spreken we specifiek van ‘uitzending’. Het bedrijf waar de arbeid wordt verricht is dan de ‘inlener’.  

Op uitzending zijn specifieke wettelijke bepalingen van toepassing om uitzendwerknemers te beschermen. Deze regels volgen bijvoorbeeld uit de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi), gebaseerd op de Europese Uitzendrichtlijn (2008/104/EG). 

De Waadi beoogt onder andere te voorkomen dat uitzendkrachten benadeeld worden ten opzichte van werknemers die rechtstreeks bij de inlener in dienst zijn. Eén van de belangrijkstee bepalingen is artikel 9a Waadi, waarin wordt bepaald dat uitzendwerknemers niet mogen worden belemmerd om na afloop van de uitzending in dienst te treden bij de inlener. 

Een recente uitspraak van het hof ‘s-Hertogenbosch onderstreept het belang van een goed begrip van deze regels voor werkgevers.  

Een administratief medewerker van een uitzendorganisatie (die intern werkte en dus niet zou worden uitgezonden) was aan het werk gezet bij een steigerbouwbedrijf. Achteraf beweert hij bij de rechter dat hij daar ook als meewerkend voorman onder leiding en toezicht van het bedrijf had gewerkt. Dat ontkent het uitzendbureau. Het hof concludeert op basis van de uitzendadministratie echter dat de werknemer inderdaad als meewerkend voorman had gewerkt, zodat hij als zodanig als uitzendkracht kwalificeerde. 

Het gevolg van die kwalificatie was dat het relatiebeding in zijn contract, dat hem belemmerde om bij de inlener of relaties van de werkgever in dienst te treden, nietig werd verklaard op basis van artikel 9a Waadi. Het concurrentiebeding bleef wel in stand, omdat artikel 9a Waadi daar niet op ziet. 

Bijzonder aan deze zaak was dat het hof ambtshalve, oftewel uit eigen beweging, artikel 9a Waadi toepaste. Geen van de partijen had er een beroep op gedaan. Het hof voelde zich desalniettemin tot ambtshalve toetsing geroepen door een recente uitspraak van het Hof van Justitie van de EU, waarin werd bevestigd dat artikel 47 van het Handvest van de EU, dat recht geeft op effectieve rechtsbescherming, rechtstreeks in arbeidsrelaties kan worden ingeroepen. Het hof is met zijn oordeel één van de eerste Nederlandse rechters die deze nieuwe Europese ontwikkeling volgt. 

Conclusie  

Handige inzet van werknemers door een uitzendonderneming kan onbedoeld leiden tot toepasselijkheid van de Waadi en vergelijkbare regelgeving. Daarnaast is en blijft de formulering van relatiebedingen van groot belang. Ten slotte kan een werkgever die niet bekend is met het Europese recht in een procedure voor onaangename verrassingen komen te staan. 

Heeft u een vraag?  

Heeft u vragen over uitzending, de formulering van uw relatiebedingen of de invloed van Europees recht op uw contracten? Heeft u een andere vraag? Met expertise op achttien rechtsgebieden denkt La Gro graag breed met u mee.  Neem  contact op met mij of met één van onze andere specialisten. 

Auteur
Mr. drs. G.B.M. (Gerard) Zuidgeest

Advocaat & Partner

Bel: 0172-503 250