Kinderrechten bij ontruiming: waar kinderen wonen, is zorg geboden
14 juli 2025
Op 27 juni 2025 heeft de Procureur-Generaal (hierna: “PG”) bij de Hoge Raad een belangrijke conclusie genomen over de rol van artikel 3 lid 1 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (hierna: “IVRK”) bij ontruiming van huurwoningen waarin minderjarige kinderen wonen (ECLI:NL:PHR:2025:728). In dit artikel worden de belangrijkste onderdelen van de conclusie van de PG besproken die relevant zijn voor verhuurders.
Aanleiding
Aanleiding was een kortgedingprocedure tussen woningcorporatie Ymere en huurders die betrokken waren bij ernstige strafbare feiten (ECLI:NL:RBNHO:2024:10288). De huurders hadden twee jonge kinderen. De burgemeester zag aanvankelijk af van sluiting van de woning vanwege het belang van de kinderen, maar na herhaalde overtredingen werd alsnog tot sluiting overgegaan. Dit leidde tot een civiele ontruimingsvordering door de woningcorporatie. De rechtbank oordeelde dat Ymere onvoldoende had onderbouwd dat er opvang beschikbaar was voor de kinderen. Omdat ook onvoldoende was gebleken dat hun belangen zichtbaar waren meegewogen, stelde de rechtbank prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Wat adviseert de PG?
Juridische toets
Centraal staat artikel 3 lid 1 IVRK, dat het volgende bepaalt: “Bij alle maatregelen betreffende kinderen, ongeacht of deze worden genomen door openbare of particuliere instellingen voor maatschappelijk welzijn of door rechterlijke instanties, bestuurlijke autoriteiten of wetgevende lichamen, vormen de belangen van het kind de eerste overweging”. Volgens het VN-Kinderrechtencomité heeft deze bepaling drie dimensies (General Comment nr. 14): het kind heeft een eigen recht op belangenafweging, interpretaties van wetgeving moeten kindvriendelijk zijn en de rechter moet actief onderzoeken en motiveren.
Bij ontbinding van de huurovereenkomst van woonruimte via de rechter moet art. 6:265 lid 1 BW getoetst worden. In dit artikel is bepaald dat iedere tekortkoming van een partij in de nakoming van een van haar verbintenissen aan de wederpartij de bevoegdheid geeft om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. De afweging die bij de tenzij-clausule moet plaatsvinden, beperkt zich niet tot de in art. 6:265 lid 1 BW genoemde gezichtspunten; daarbij kunnen alle overige omstandigheden van het geval van belang zijn. De belangen van het kind moeten daarbij gelet op art. 3 IVRK volgens PG een “eerste overweging” zijn. Dit betekent dat de belangen van het kind actief en zichtbaar moeten worden meegewogen. Dit betekent niet dat de belangen altijd doorslaggevend moeten zijn.
Woningcorporaties
De PG wijst erop dat het IVRK direct werkt richting de rechter (“courts of law”), maar óók dat woningcorporaties onder de reikwijdte vallen als “private social welfare institutions”. Verhuurders zoals Ymere worden door de PG dus óók verantwoordelijk gehouden voor het waarborgen van kinderrechten.
Conclusie
Deze conclusie benadrukt het belang van de belangen van het kind bij ontruimingen van huurwoningen. Het onderstreept dat deze belangen een zelfstandige beoordeling en motivering vereisen binnen het huurrechtelijke juridische ontbinding- en ontruimingskader. Let op: dit is nog slechts een conclusie van de PG. We zijn in afwachting van de uitspraak van de Hoge Raad, die naar verwachting helderheid zal verschaffen over de toepassing van het IVRK in dergelijke gevallen.
Wat kunnen verhuurders nu al doen?
Onderzoek actief of er minderjarige kinderen in de woning verblijven.
Breng de gezinssituatie en eventuele opvangmogelijkheden in kaart. Leg vast wat bekend is over netwerk, hulpverlening en risico’s van dakloosheid.
Weeg het belang van het kind zichtbaar mee.
Zoek afstemming met de gemeente of hulpverleningsinstanties.
Bereid je voor op kritische toetsing door de rechter. Houd rekening met de mogelijkheid dat de rechter de ontruiming verbindt aan voorwaarden over opvang of afziet van ontruiming.
Wilt u juridisch advies bij het voorbereiden van een ontruimingsprocedure waarin kinderen betrokken (kunnen) zijn? Ons team Huurrecht denkt graag met u mee.